13 december 2014

 

Eerste lezing uit de profeet Sirach 48,1-4+9-11

Elia de profeet stond op als een vuur; zijn woord brandde als een fakkel; hij bracht hongersnood over het volk en in zijn ijveren voor de Heer maakte hij hen weinig in aantal. Door het woord van de Heer sloot hij de hemel toe en  evenzo liet hij driemaal vuur neerdalen. Hoe roemrijk werdt gij, Elia, door uw wonderwerken: wie mag zich als gij beroemen? Gij die werdt opgenomen in een wervelstorm van vuur op een wagen met vurige paarden, van wie geschreven staat dat hij bestemd is voor de tijd waarop hij de toorn van God zal stillen vóórdat hij ontbrandt, het hart van de vaderen zal keren tot de zoon en de stammen van Jakob zal oprichten. Gelukkig zij, die u gezien hebben en in liefde zijn ontslapen.

 

Uit het Heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs 17, 10-13

Bij het afdalen van de berg stelden de leerlingen Hem de vraag:”Waarom zeggen de schriftgeleerden toch dat eerst Elia moet komen?” Hij gaf hun ten antwoord: “Inderdaad, Elia zal komen om alles te herstellen. Ik zeg u zelfs: Elia is reeds gekomen, maar zij hebben hem niet erkend, doch naar willekeur met hem gehandeld, zoals ook de Mensenzoon van hen te lijden zal hebben.” Nu begrepen de leerlingen dat hij hun over Johannes de Doper gesproken had.

 

Overweging

Toen stond Elia op, een profeet als een vuur, en zijn woord brandde als een fakkel. (Sirach 48,1)

Wat was de profeet Elia een moedig man! Het kan goed zijn dat we huiveren bij een aantal van de dingen die over hem gezegd worden in de Schrift, maar we ontkomen niet aan het feit dat hij de Heer volkomen toegewijd was en dat hij zijn leven volledig wijdde aan de prediking van Gods woord. Zo riep hij vuur van de hemel af om een offer te verteren, maar ook om zijn vijanden te verbranden. Ook veroorzaakte hij een droogte in Israël totdat het volk zijn dorst naar God erkende en smeekte om genade.

Op een dergelijke onverdroten manier preekte ook Johannes de Doper tegen onrecht, en ook hij bediende zich van dreigende taal. Terwijl hij de mensen aanspoorde zich te bekeren voordat het te laat was, waarschuwde hij: “De bijl ligt al aan de wortel van de bomen” (Matteüs 3,10).

Soms lijkt het erop dat deze profeten het alleen maar over hel en verdoemenis hebben, maar in werkelijkheid roepen ze op tot verzoening. God heeft hen geroepen en uitgezonden om een boodschap te verkondigen waarin de mensen opgeroepen worden naar Hem terug te keren en zich klaar te maken om in zijn Aanwezigheid binnen te treden. Zij drongen er bij de mensen van hun tijd – en over hun hoofden heen ook bij ons in deze tijd – op aan zich voor te bereiden op het indrukwekkende werk dat God in hun midden zou gaan doen. De profeten mogen dan bij tijden harde taal gesproken hebben, toch kwam het altijd voort uit een brandende hartstocht voor God en een al even vurig verlangen om hun landgenoten dichter bij Hem te zien komen.

Naarmate Kerstmis nadert is het goed wat extra tijd te nemen om na denken over het zuiverende vuur van Gods liefde waarover bijvoorbeeld de profeet Elia sprak. Is er iets wat je tegenhoudt om de uitdaging aan te gaan, om het vuur van Gods liefde zijn louterend werk te laten doen? Het is normaal om bang voor vuur te zijn. We weten allemaal hoe het voelt om je te branden – zowel lichamelijk als overdrachtelijk. Maar dit is goddelijk vuur. Dit is het vuur van heiligheid en liefde. Dit is het vuur dat reinigt en bevrijdt, het vuur dat zonde verbrandt maar de zondaar geneest. Je hoeft niet bang te zijn dat je te dichtbij komt. Je kunt het warm krijgen, maar je zult je niet branden! 

Gebed

Heer, uw liefde is een verterend vuur. Steek dat vuur aan in mijn hart zodat ik bereid ben de deur van mijn hart wijd open te zetten en U te verwelkomen. Amen.

 

Bron: het Woord onder ons,
uitgegeven door Stichting KCV, Helmond