15 december 2014

 

Eerste lezing uit de profeet Numeri 24, 2-7+15-17a

Toen Bileam de ogen opsloeg en IsraŽl stam bij stam gelegerd zag, kwam de geest van God over hem. Hij hief het volgende lied aan:
"Dit is het orakel van Bileam, zoon van Beor, het orakel van de man die geheimen mocht zien, het orakel van hem die God hoort spreken, die schouwt wat de Almachtige ontsluiert, en in extase openbaringen ontvangt. Hoe schoon zijn uw tenten, Jacob, hoe mooi uw woningen, IsraŽl: als dalen liggen zij uitgespreid, als tuinen langs een rivier, als aloŽbomen :door de Heer geplant, als ceders die staan aan het water; wat hij zaait wordt volop bevloeid. Zijn koning komt hoger dan Agag; zijn koningschap zal zich verheffen."
Toen hief hij het volgende lied aan:
"Dit is het orakel van Bileam, zoon van Beor, het orakel van de man die geheimen mocht zien, het orakel van hem die God hoort spreken, die weet wat de Allerhoogste weet, die schouwt wat de Almachtige ontsluiert, en in extase openbaringen ontvangt. Ik zie hem, maar niet in het heden, ik aanschouw hem, maar niet van nabij; een ster komt op uit Jakob, een scepter rijst uit IsraŽl."

 

Uit het Heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens MatteŁs 21, 23-27

Op zekere dag ging Jezus naar de tempel en toen Hij daar aan het onderrichten was, kwamen de hogepriesters en de oudsten van het volk Hem de vraag stellen: "Welke bevoegdheid hebt Gij om dit alles te doen? En wie heeft U die bevoegdheid dan gegeven?" Jezus antwoordde hun: "Ik zal u ook een vraag stellen, en als gij Mij daar antwoord op geeft, zal Ik u op mijn beurt zeggen krachtens welke bevoegdheid Ik dit alles doe. Het doopsel van Johannes, waar was dat vandaan? Van de hemel of van de mensen?" Zij beraadslaagden onder elkaar: "Als wij zeggen: van de hemel, dan zal Hij tegen ons zeggen: Waarom hebt gij hem dan geen geloof geschonken? Als we zeggen: van de mensen, dan hebben wij het volk te vrezen, want iedereen houdt Johannes voor een profeet." Ze gaven Jezus dus ten antwoord: "Wij weten het niet." Toen zei Hij op zijn beurt tot hen: "Dan zeg Ik u evenmin krachtens welke bevoegdheid Ik zo handel."

 

Overweging

Wie heeft u die bevoegdheid gegeven? (MatteŁs 21,23)

Je hoort ze bijna stampvoeten, de oudsten en hogepriesters. Vertel het ons. Niet dat het antwoord ons echt wat kan schelen, maar we willen graag een manier vinden om van U af te komen. Jezus had juist zijn triomfantelijke intocht in Jeruzalem meegemaakt en de mensen hingen al weer aan zijn lippen, ze werden genezen en brachten Hem hulde. Een aantal van de religieuze leiders was daar bepaald niet gelukkig mee. Ze waren vastbesloten te bewijzen dat Jezusí onderwijs niet deugde, zodat ze anderen ervan af konden houden in Hem te geloven. 

Het is werkelijk een belachelijke vraag, maar toch waren Jezusí vijanden zeker van zichzelf. Ze dachten dat Hij, menselijkerwijs, dom genoeg was om in de door hen opgezette val te lopen. Ze geloofden beslist niet dat Hij de uitverkoren Messias van God was. Ze konden het zich gewoon niet voorstellen dat deze alledaagse, rondtrekkende prediker de redding van IsraŽl kon zijn. 

Soms is het evangelie ook voor ons moeilijk te geloven, net zoals voor deze religieuze leiders. Zo is de Schrift er duidelijk over dat God alles van u afweet. Gelooft u dat? Dat kan een griezelige gedachte zijn, omdat we allemaal dingen hebben die verscholen zitten in donkere hoekjes van ons hart. Maar God houdt onvoorwaardelijk van u, wat u ook gedaan hebt of nagelaten. Hij houdt van u ondanks uw oordelen en vooroordelen. Hij houdt van u dwars door uw zwakheden en gebreken heen.

Uitgaande van zijn liefde weet God ook wat het beste voor u is Ė zelfs als u het niet met Hem eens bent. Gelooft u dat? Hij heeft het recht om uw leven richting te geven, wat uw verstand u ook zegt en ongeacht uw eigen verlangens of voornemens.

Het kan wel eens moeite kosten om het te geloven, maar God houdt echt van u. Hij wil echt het goede, ja zelfs het beste voor uw leven. Er is niks mis mee als we Hem zo af en toe de kritische vraag stellen: waarom overkomt me dit? Hoe moet ik reageren op de crisissituatie waarin ik verzeild geraakt ben? We moeten er echter wel voor zorgen dat we niet klinken als deze oudsten van IsraŽl die op zich wel een oprechte vraag stelden ... maar met onheuse motieven. Als we iets vragen met een oprecht hart dan zal God ons antwoorden. En zelfs meer dan dat: zijn antwoord zal ons troost geven!

Gebed

Vader, ik weet dat ik genezing en vergeving nodig heb, maar ik moet soms nog leren dat ik kan vertrouwen op uw liefde. Open mijn hart zodat ik meer op U kan vertrouwen. Amen.

 

Bron: het Woord onder ons,
uitgegeven door Stichting KCV, Helmond